Gemeenten schuiven langzaam richting de verkiezingen van 2026. Coalities worden voorbereid, lijnen verkend en prioriteiten opgeschreven. En ergens in dat proces komt óók de vraag op tafel: hoe geven we jongeren hier eigenlijk een rol in?
In november is namelijk de motie ‘Geef kinderen en jongeren een plek aan de gemeentelijke formatietafels’ aangenomen door de ALV van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Een duidelijk signaal. Jongeren horen aan tafel wanneer keuzes worden gemaakt die hun leven direct raken. Wat vraagt dit concreet van gemeenten?
Goede intenties
Ik spreek veel gemeenten die al werken met participatie. Daar hoor ik vaak dezelfde twijfel terug. Bereiken we de juiste jongeren? Sluit wat we doen aan bij hoe jongeren leven? En werkt onze manier van betrekken eigenlijk wel? Wat ik dan vaak zie, is dat er wordt gewerkt met één vaste vorm. Een groep. Een overlegmoment. Meestal op het moment dat beleid al grotendeels is uitgewerkt. Dat voelt overzichtelijk, maar geeft eigenlijk minimale ruimte aan jongeren.
Gemiste kansen
Wie jongerenparticipatie vastzet in één vorm, komt al snel uit bij een kleine groep jongeren die daar tijd en ruimte voor heeft. Daarmee blijven veel perspectieven buiten beeld. Jongeren die afhaken na één keer. Of jongeren die wel ideeën hebben, maar zich niet herkennen in de setting. Zonde! Want méér perspectieven en al eerder in het proces, helpen om beleid scherper te maken. Zo zie je waar plannen in de praktijk wringen, nog voordat ze in beleid zijn gegoten, en maak je keuzes die ook over een paar jaar nog overeind staan.Het leven van jongeren speelt zich af tussen school, werk, bijbanen, sport en zorgen thuis. Precies dáár moet je ook zijn als je serieus inzet op jongerenparticipatie en je wilt weten wat er bij je doelgroep leeft.
Jongeren als onderdeel van de aanpak
In mijn werk begin ik daarom nooit met één vaste vorm. Ik begin met kijken wat er al gebeurt binnen de gemeente. Waar kunnen we op voortbouwen? Wat willen jullie eigenlijk ophalen? En wie moet daarbij betrokken zijn? Let op: jongeren denken daarin vanaf het begin mee. Over onderwerpen, maar net zo goed over de manier waarop je hen betrekt. Dat maakt een groot verschil. Ze worden medemaker van je aanpak, in plaats van toeschouwer. Ze denken mee over hoe het proces loopt, waar drempels zitten en wat werkt in hun dagelijks leven.
Het vinden en betrekken van jongeren neem ik daarbij vaak uit handen, want dat blijkt voor gemeenten een lastig punt. Wie bereik je? Hoe nodig je uit? En hoe zorg je dat jongeren blijven aanhaken? Daarbij kijk ik ook scherp naar de vraag: wie mist er nog?
Whitepaper als houvast
Voor gemeenten die nu bezig zijn met de vertaling van deze motie naar de praktijk, heb ik mijn werkwijze gebundeld in de gratis whitepaper Zo zet je jongerenparticipatie op binnen jouw organisatie. Een praktisch vertrekpunt voor wie jongeren een plek wil geven in beleid én proces. Gebruik ’m als leidraad terwijl je keuzes maakt, gesprekken voert en stappen zet. Wil je daarin sparren of samen verder kijken, dan help ik je graag.
Ook kinderen doen mee in dit verhaal
De motie gaat nadrukkelijk ook over kinderen. Kinderparticipatie en jongerenparticipatie sluiten op elkaar aan, met een eigen focus per leeftijd. Dat vraagt om een andere benadering en werkvormen. Voor kinderparticipatie verwijs ik naar Marjolein Weidema en Tako Rietveld, die hier veel ervaring mee hebben. Door beide doelgroepen structureel op te nemen in de aanpak, ontstaat een samenhangende lijn van participatie voor gemeenten, van kind tot jongere. Daarmee leg je een prachtige basis voor blijvende betrokkenheid.