“Wat heeft politiek voor zin? Ze ruziën toch alleen maar.” Het is een uitspraak die ik opvallend vaak hoor in mijn werk met jongeren. Ik begrijp waar het vandaan komt als je opgroeit in een tijd waarin het publieke debat vaak verzandt in tegenstellingen, schreeuwpartijen en cynisme. Toch hoeft de politiek geen ver-van-je-bed-show te zijn, als je jongeren uitnodigt mee te doen.
Jongeren krijgen de politiek overal mee: via social media, in het nieuws, in de klas, of gewoon in de trein waar mensen er hardop over praten. Maar wat ze dan vaak zien, is een toneel vol ruzies en cynisme. Dat doet iets met hun houding. Het beeld creëert afstand en maakt de drempel hoger om je ermee te bemoeien. Terwijl het juist deze generatie is die de gevolgen voelt van politieke keuzes. Denk aan thema’s als woningnood, mentale gezondheid en klimaat. De besluiten van nu bepalen hún toekomst.Toch zie ik dat juist dat negatieve beeld ook een ingang kan zijn. Als jongeren zeggen: “Dit kan toch niet?”, dan ligt daar een kans om het gesprek te openen. Om te vragen: “Hoe zou jij het aanpakken?” Zulke gesprekken zijn extra belangrijk als je kijkt naar de kloof tussen jongeren van verschillende opleidingsniveaus. Uit onderzoek van de UvA blijkt bijvoorbeeld dat vwo-leerlingen veel vaker aangeven vertrouwen te hebben in de democratie dan jongeren op het vmbo of mbo. Die kloof ontstaat al vroeg en blijft vaak hardnekkig bestaan.
Bruggen bouwen
Gelukkig zie ik ook dat het anders kan. Want als jongeren merken dat hun stem telt, verandert er iets. Dat begint lokaal, bij onderwerpen die dichtbij komen. Bijvoorbeeld bij verkeersveiligheid of het inrichten van een jongerenplek. Laat jongeren meedenken, meepraten én meebeslissen.
Een mooi voorbeeld vind ik de jongerenparticipatie bij het Regionaal Werkbedrijf Flevoland, waar jongeren meedenken over het aanpakken van regionale jeugdwerkloosheid. Daar zie je wat er gebeurt als je jongeren serieus neemt: ze voelen zich gezien én zetten zich ook weer in om andere jongeren te betrekken. Dat is de kracht van echte participatie.
Daarom roep ik politici en beleidsmakers op: treed buiten je bubbel. Ga naar scholen. Zoek het gesprek op. En zet jongeren zélf in als brug naar andere jongeren. Bijvoorbeeld via jongerenambassadeurs of ervaringsdeskundigen op thema’s als mentale gezondheid of duurzaamheid. Laat jongeren zélf leeftijdsgenoten meenemen in het gesprek. Dan ontstaat er iets waardevols: herkenning, betrokkenheid en vertrouwen. Want jongeren zijn niet ongeïnteresseerd in politiek, ze voelen zich er vaak alleen niet in thuis. En dat kunnen we veranderen!